Borcherds, Meent

 

Gebore

3 Sep. 1762

OORLEDE

28 Febr. 1832

UNIVERSITEIT

 B.D., Th.D.

gelegitimeer

1785

ORDEN

STANDPLASE

1785 Kaapstad

1786 Stellenbosch

EMIRITEER

1830

Ds. Meent Borcherds (1785) Kaapstad 1785-1786, Stellenbosch 1786 tot 1832, emeritusob Gemgum in Oos-Friesland s.v. Borchardus Borcherds, koopman en Titia Kempen. Hy studeer in Groningen en Lingen en korn 19 Apr. 1785 met die skip Het Meeuwtje in Tafelbaai aan. Hy is as predikant in 1785 te Kaapstad gelegitimeer.  In 1786 word hy predikant te Stellenbosch en emeriteer in 1830. Hy was predikant van Kaapstad tussen 1785-1786. obiit 1831.

Ds. Meent Borcherds de 3de September 1762 te Jengum in Oost-Friesland geboren, voltooide de jonge Borcherds zijn studieën in de Godgeleerdheid te Groningen op 22-jarige leeftiid, en werd hij tot predikant aan de Kaap aangesteld. Hij begon zijn dienstwerk in de Kaapstad in Mei 1785. Van een zwak en ietwat zenuwachtig gestel zijnde, werd weldra zijn gezondheid aangedaan—van daar zijn verzoek om naar Stellenbosch te worden verplaatst, daar hij meende, dat zijn zwakke borst en stem beter voor een kleiner kerkegebouw geschikt waren.

Iemand, die Ds. Borcherds van nabij gekend heeft, geeft dit getuigenis aangaande hem:—„Als leraar was hij in leer en wandel onberispelik ; geoefend in de kundigheden tot zijn beroep en ambt behorende, oordeelde en redeneerde hij met gezond verstand en haatte alle dweepzucht. Hij hield niet van uiterlikheden, maar achtte de inwendige christelike toestand van de mens, de stille en verborgen omgang met God, de erkentenis van des Zaligmakers verdiensten, en de nakoming en beoefening der christelike en zedelike plichten, als de gronden waarop het gebouw des Christendoms moest gevestigd worden. Hij was verdraagzaam en wist in gesprekken de schoonheden van de christelike godsdienst zo voor te stellen, dat daaruit troost zo in leven als sterven gevonden werd—hij sprak dan beminnelik en gepast. Als groot bewonderaar der natuur hield de starrehemel des nachts en de aarde met haar wonderen meermalen zijn aandacht bezig. Gaarne was hij de leidsman der jeugd en voor hen, die voorbereid werden om leraar te worden, de gulle vriend en welmende raadgever. Hij deelde bereidwillig met ruime teugen uit de bron zijner wetenschap, en was waarlik gelukkig, wanneer studenten e.n vrienden, in hun pogingen slaagden. Hij bestierde zijn huisgezin zachtmoedig–zuivere godsdienst gaf de hoofdtoon –de vriend verenigde zich met de vader,–huiselikheid bekoorde vreemdeling en landgenoot, en het geluk scheen aldaar ten minste tijdelik zijn zetel gekozen te hebben.”

Het salaris van predikanten in de dagen van Ds. Borcherds was zeer gering. In de eerste 20 jaren van zijn diensttijd te Stellenbosch was zijn traktement slechts £70 5s. per jaar. Dit bedrag werd in 1805 verhoogd tot £75, in 1812 tot £112 10s., in 1820 tot £150, en in 1828 tot £300 per jaar. De huisvader bevond echter, dat zijn inkomsten niet toereikend waren vocr zijn gezin, en zag zich genoodzaakt een stuk lands aan te kopen. Hij bebouwde de grond in zijn ‘rvrije uren, en het beha.agde God hem daarin zo te, zegenen, dat hij een redmiddel vond voor de zijnen. Op een gedeelte van de grond bouwde hij een huis, en noemde het Lict Gratitude (De Dankbaarheid) ten blijke, dat hij het aan de goedheid Gods te danken had. In de frontgevel plaatste hij een afbeelding van Gods alziend oog. Deze woning met de afbeelding bestaat heden nog en is .gelegen in de Dorpstraat.

Als geschiedschrijver maakte Ds. Borcherds zich ook verdienstelik. In het Zuid-Afrikaansche Tijdschrift van zijn tijd vindt men vele leerzame stukken uit zijn pen over de geschiedenis van de Kaap-Kolonie, en vooral van het distrikt Stellenbosch. Ook beminde hij de dichtkunst Verscheidene gedichten werden door hem in druk gegeven, o.a. een lierdicht, De Maan, waarin veel godsdienst en gevoe1 doorstraalde. Hij was een der stichters van het eerst Zuid-Afrikaansche Drukpers-Genootschap in 1800 en van een Maatschappij ter aanmoediging van Landbouw, Kunsten en Wetenschappen. In een van de eerste voortbrengselen van de pers van die tijd vindt men het volgende aangetekend :—„Het gedicht ter gelukwensching van het Drukpers Genootschap, het werk van den WelEerw. Heer Borcherds, Predikant te Stellenbosch—Zijn WelEerw. wordt voor dit zierlik Adres bij deze door den Raad beleefdelijk bedankt.”

Van de eerste Synodale Vergadering onzer Kerk in 1824 gehouden was Ds. Borcherds Scriba. Bij de tweede Synode in 1826 nam hij de voorzitterstoel in.

Ds. Borcherds arbeidde onafgebroken en onvermoeid te Stellenbosch tot 9 Desember 1830, toen hij wegens hoge ouderdom eervol emeritaat aanvaardde. Lang mocht hij niet van deze rust genieten, want reeds de 28ste Februarie 1832 ging hij zijn eeuwige, ruste in. Hij werd op het kerkhof bij de kerk begraven. Met hem werd gelijktijdig begraven de echtgenote van zijn opvolger, de WelEerw. T. J. Herold. Beide lijken werden in de kerk geplaatst voor het preekgestoelte, dat met zwart behangen was. Een groot gedeelte van de gemeente was verzameld om de begrafenisplechtigheid bij te wonen. Ds. A. Faure van de Kaapstad hield een treffende lijkrede „treffend voor vriend of maagd, gepast op de toestand van de overledenen, en opwekkend voor hen, die overgebleven waren om de overblijfselen van de grijsaards en een geliefde echtgenote na te staren in het somber verblijf van de doden. Het dorp en omliggende buurte schenen in rouw—de aandoening en deelneming waren zichtbaar. Kort voor zijn dood had Ds. Borcherds berekend, dat hij gedurende zijn diensttijd te Kaapstad en Stellenbosch had gehouden : 2,670 predikatien ; en 2,200 katechisatieën, gedoopt 4,559; aangenomen 2,125; getrouwd 879 paren ; voor het werk des Heren gekollekteerd 6,570 pond. (Jaarboek 19 )